11 REI 1939 – 1940

11eme Régiment Etranger d’Infanterie

Legionairs van het 11eme R.E.I. bij graafwerkzaamheden bij de Magninot linie in de winter van 1939-1940

Oprichting

Het 11eme Régiment Etranger d’Infanterie werd op 1 november 1939 in het kamp Valbonne opgericht.
De eenheid werd samengesteld uit 2000 Legionairs, vrijwilligers afkomstig uit eenheden van het Vreemdelingenlegioen in Noord Afrika, 500 oorlogsvrijwilligers en 500 reservisten waarvan de meesten eerder bij het Legioen gediend hadden. De verdeling van nationaliteiten was op 20 April 1940 als volgt:

Etat numérique du XIe R.E.I. par nationalité en date du 20 avril 1940

NationalitéNombrePourcentage
Polonais91430
Espagnols66422
Français54518
Italiens2909,6
Divers2759,5
Belges1123,7
Suisses1053,6
Russes622
Tchèques240,8
Hongrois240,8
Total général3015100
Source: A.L.E.

Geschiedenis


Op 17 december 1939 ging het regiment naar Lotaringen en betrok voorposten van de Maginot linie in de Regio Sierck. Het was een zeer strenge winter. Bij schermutselingen tijdens patrouilles sneuvelden de eerste Legionairs.
Op 10 mei 1940, het moment van de aanval van de Duitsers bevond het Regiment zich per vrachtwagens op transport naar de regio Stenay en Inor. Het regiment werd ingedeeld bij de 6e Noord Afrikaanse Divisie en raakte vrijwel direct betrokken bij hevige gevechten in het bos bij de plaats Inor (Bois d’Inor). Het gebied, een slagveld uit de Eerste Wereldoorlog, was zowel van grote symbolische als strategische waarde en werd door het regiment fel verdedigd.
Een van de weinige Nederlanders die bij het 11eme R.E.I dienden, A. Van der Linden werd op 21 mei 1940 door een granaatscherf bij het linkeroor gewond en naar Bar-le-Duc gezonden.
Op 27 mei 1940 openden de Duitsers een massive aanval. Na een inleidende artilleriebeschieting van 7 uur vielen 3 regimenten afkomstig van de 56e Infanterie-Division en Stosstruppen van de 52e division aan. Drie keer werden de aanvallen teruggeslagen, de Duitsers verloren 2500 man. De linie van het 11e Regiment bleef intact maar ook hier waren de verliezen hoog, 300 man. In de periode van 23 mei tot 11 juni verloor het regiment 477 man. De ondervonden weerstand moet indruk gemaakt hebben op de Duitsers want in 1941 werd er door de NSDAP een boek gepubliceerd met de titel “Die grüne Hölle von Inor”.
Op 6 juni 1940 volgde het bevel terug te trekken richting Verdun en op 18 Juni het bevel een front van 6 kilometer en drie bruggen over de Maas te verdedigen bij het kleine dorp St Germain sur Meuse. De hele dag lag het regiment onder Duits artillerievuur dat van een afstand van slechts 3 kilometer vuurde. Er was geen enkel Frans geschut meer dat het vuur kon beantwoorden. Een deel van het regiment raakte ingesloten en het 2e Bataillon zette een aanval in om uit te breken. De commandant die meedeed aan de aanval sneuvelde. Gezien de precaire situatie werd besloten het regimentsvaandel te verbranden. De terugtocht ging verder naar Toul. Er werden nog enkele verdedigingsposities ingenomen. Op het moment van de wapenstilstand waren er nog 578 man over. Van de 81 officieren nog slecht 23.
Het regiment werd opgeheven.

Op 10 oktober 1940 stuurde Chef de Bataillon ROBITAILLE in Sidi Bel Abbes een uitvoerige beschrijving van de geschiedenis van het 11e REI naar de Commandant van het 1e Regiment.
Mogelijk was dit de basis voor het toekennen van de L’ORDRE DE L’ARMEE op 8 september 1941, door General d’Armee HUNTZIGER.

Nederlandse Legionairs die dienden bij dit onderdeel

Achternaam Voornamen Geboorte datum Geboorte plaats Legioen periode
Kardurk Hermanus Hubertus Johannes 16-02-1908 Roermond 1927-1946
Van der Linden A. - - 1937-1942
Van Loevesijn Jan Johannes 10-08-1910 Utrecht 1936-1943
Verheul Teunis Cornelis 30-05-1909 Rotterdam 1935-1940

Nederlandse Legionair 11 REI 2 Cie

In zijn Engelstalige boek “La Légion” schrijft G. Bocca, op blz.133.
“Een Nederlandse Sergent die deel uit maakt van de 2e Compagnie van het 11e Régiment Etranger wordt nadat hij gewond is geraakt aan zijn knieschijf bij de gevechten om Saint-Germain-sur-Meuse [18-06-1940] gered door de Tsjechische Legionair Karel HORA. HORA had zelf kort ervoor bij een vuurgevecht twee vinger van zijn rechterhand verloren. Tijdens de reddingsactie, met de Nederlander over zijn schouder, wordt HORA nog eens geraakt in zijn dij en in zijn voet. HORA slaagt er toch nog in de resten van zijn eenheid en een hospitaal te bereiken. Wat er verder met de Nederlandse Sergent is gebeurd wordt niet vermeldt.
Bovenstaand verhaal is echter door Bocca verkeerd overgenomen uit het boek dat HORA zelf over zijn tijd in het Legioen heeft geschreven getiteld “Debout la Legion!”.
De Sergent heeft niet de Nederlandse maar de Belgische Nationaliteit zijn naam is VERHUEWEN.
HORA sleept de gewonde VERHUEWEN op zijn rug mee en legt hem daarna op een rupsvoertuig.
Met nog andere leden van zijn eenheid gaat hij op weg naar Saint-Germain-sur-Meuse.
Twee machine geweren blokkeren op een gegeven moment de weg. Luitenant Roux commandant van de 2e Cie raakt gewond en zegt, hier komen we niet door, rest ons slechts onze huid duur te verkopen. Dan kruipt echter een Nederlandse Legionair naar voren pakt het machinegeweer van een gesneuveld soldaat, staat op een schiet het ene na het ander magazijn leeg op de twee machinegeweer stellingen. “Met het gemak alsof hij door een tulpenveld liep” schrijft HORA. Hij keert terug en zegt: “Mijn Luitenant we kunnen passeren”.
Tijdens de actie is door tientallen kogels getroffen en sterft staande na deze laatste zin te hebben uitgesproken.

19401010 11 REI Le Chef de Bataillon ROBITAILLE.htm

11 REI ZONDER, Simon

19400712 Ordre No 75

MORTS AU CHAMP D’HONNEUR

11 REI MORTS AU CHAMP D’HONNEUR