KNIL

Legionairs bij het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger

Het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL) was het Nederlandse koloniale leger. Het bestond officieel van 1814 tot 1950.
In tegenstelling tot de Koninklijke Landmacht die onder het Ministerie van Oorlog viel, ressorteerde het Nederlands-Indische leger onder het ministerie van Koloniën. Het KNIL bestond uitsluitend uit beroepsmilitairen, of militairen uit het Nederlandse leger, die voor een bepaalde periode bij het KNIL gedetacheerd waren.

Negatieve beeldvorming

Zeker in de begin periode had het KNIL geen goede reputatie en werd destijds daarom ook vaak met het Franse Vreemdelingenlegioen vergeleken. Dit had niet alleen te maken met de dubieuze reputatie van de aangenomen rekruten maar ook het feit dat destijds veel rekruten uit het buitenland kwamen.
Er werd dan ook in de loop der tijden van overheidswege veel moeite gedaan om dit negatieve beeld bij te stellen zoals bijvoorbeeld blijkt uit dit artikel van 18 oktober 1938 uit de Nieuwe Apeldoornsche courant

BIJ DE KOLONIALE RESERVE.
MODEL-OPLEIDING VAN MILITAIREN VOOR DE INDISCHE WEERMACHT.
Uiterst nauwkeurige selectie mogelijk.

Slechts 28 procent behaalt de eindstreep. (Van een eigen verslaggever.)
Het is nog niet zoo heel lang geleden, dat men sprak over „Kolonialen . Een „Koloniaal” was iets ondefinieerbaars, eigenlijk iets en iemand, die men nu liever niet kende. Een „Koloniaal” was in den volksmond een jongeman-met-een- verleden, een verleden in ongunstigen zin en eigenlijk bestempeld als een onmaatschappelijk mensch.
Hij werd gerekend tot de categorie „12 ambachten en dertien ongelukken” en behoorde dus tot de maatschappelijk mislukten, wier eenige kans nog in de Tropen lag. Zoo’n zelfde legende als er rond het Fransche Vreemdelingenlegioen jarenlang heeft gehangen, kleefde er ook aan de Koloniale Reserve.
De legende die vol is van valsche romantiek en die haar oorsprong vond in den tijd, dat iedereen maar dienst kon nemen, die er zin in had. In een tijd, dat men het met de keuring niet zoo nauw nam, en aan een psychologische test zélfs nog niet gedacht werd. Dat dit niet zonder ernstige gevolgen bleef, is duidelijk. De tropen stellen hooge eischen, moreel en lichamelijk. Nauwkeurige en scherpe selectie is noodzakelijk.
Dit bespaart wederzijds disillusies en draagt in hooge mate bij tot handhaving van het prestige. Want het is nog niet zoo heel lang geleden, dat de klachten over tuchteloosheid onder de uitgezonden manschappen, herhaaldelijk binnenkwamen.
Ongure elementen, die eenmaal medisch goedgekeurd waren, zetten hun praktijken in het overzeesche gebied voort.
Hieraan is zes jaar geleden definitief een eind gekomen. Een scherpe selectie wordt thans toegepast. Dit moge uit enkele cijfers blijken, welke ons dezer dagen, tijdens een persbezoek aan de kazernementen van de Koloniale Reserve te Nijmegen, werden verstrekt.
In het tijdvak van 1 Augustus ’37 tot 1 Aug. ’38 kwamen in totaal 19.166 aanmeldingen binnen.
Ruim 19.000 jongelingen, die voor plaatsing bij de Koloniale Reserve in aanmerking wenschten te komen. Het grootst is het aantal aanmeldingen in de wintermaanden, wanneer velen zonder werk zijn.
Van deze ruim 19.000 jongelieden werden er 4.674 opgeroepen voor de keuring.
De overigen vielen af om diverse redenen, als afkeuring voor den gewonen militairen dienst, in aanraking komen met den strafrechter e. d.
Van de bijna 50000 gekeurden bleven er na de keuring nog 1616 over.
Doch dat beteekent nog niet dat men voor uitzending naar Oost- of West-Indié in aanmerking komt.

Wervingsplakkaat voor het KNIL
Let op de nadruk op de salariëring
[ Coll. NIMH ]

Legionairs bij het KNIL

Legionairs bij het KNIL, eigenlijk is het beter te schrijven, Nederlanders die zowel bij het Franse Vreemdelingenlegioen hebben gediend als bij het KNIL.
We kunnen deze mannen grofweg opsplitsen in twee groepen, zij die eerst in het Vreemdelingenlegioen dienden en daarna bij het KNIL en omgekeerd.
In beide gevallen strekte de eerdere “beroepservaring” van de man mogelijk tot aanbeveling.

Legioen als alternatief voor het KNIL

Een andere groep in relatie tot het KNIL, vormden Nederlandse mannen met een militaire ambitie, maar die niet door de keuring gekomen waren, iets wat op basis van bovenstaande artikel zeker in de jaren 1930 niet eenvoudig was. Het Franse Vreemdelingenlegioen was dan een alternatief. Twee voorbeelden:

Ring, Wilhelm

Nadat hij hier te lande zijn dienstplicht vervuld had, heeft hij moeite gedaan om bij de Koloniale Reserve te Nijmegen te worden aangenomen. Hij werd echter afgekeurd. In verband met de heersende werkloosheid in Nederland, ging hij naar Frankrijk, doch ook daar gelukte het hem niet werk te vinden. Hij nam dienst in het Franse Vreemdelingenlegioen […]

Van de Pas, Johan

In 1931 was hij afgekeurd voor militaire dienst. Werd in 1938 afgekeurd voor de koloniale reserve.
Ging wegens werkeloosheid in April 1938 naar Frankrijk om werk te zoeken.
Eind april 1938 tekende hij voor het Vreemdelingenlegioen
[…]

Alhoewel, zonder harde statische basis, lijkt het erop dat de keuringseisen voor het Vreemdelingenlegioen minder streng waren dan die voor het KNIL. Enige onderbouwing hiervoor zijn enkele afkeurde KNIL militairen die nadat ze na terugkomst in Nederland na enige tijd naar Frankrijk gingen en daar in dienst van het Vreemdelingenlegioen konden treden.

Lijst Legionairs en het KNIL

Achternaam Voornamen Geboorte datum Geboorte plaats Legioen periode
Colijn Willem Fredrik Franciscus 29-01-1911 Amsterdam [-]-1945
Kranssen Matthias 25-01-1912 Keulen 1937-1944
Kreutz Ludwig 14-10-1904 Heerlen 1928-1933
Lichters Pierre 05-07-1882 Venlo 1902-1909
Neuman Johan Jacob 01-11-1872 Willige Langerak [-]-1915
Schefer Guillaume 04-06-1902 Maastricht 1929--
Stekelenburg George Sigismund 11-01-1897 Arnhem 1922-1927
Strolenberg Lodewijk 1900 Kerkrade ---
van Kasteren Josephus Hendrikus 22-08-1902 Hengelo (Overijssel) 1932-1933
Van Leeuwen Arie 14-11-1912 Katwijk 1938-1939