Personalia
| Achternaam | Voornamen | Geboorte datum | Naam vader | Naam moeder |
|---|---|---|---|---|
| De Haas | Nicolaas | 23-07-1907, Amsterdam | De Haas, Petrus Jacobus Henricus | Miner, Johanna Maria Levina |
Legioen periode: 1946 - 1951
| No Matricule | Engage | Libere | Libere Plaats | ||
|---|---|---|---|---|---|
| [-] | (a) 1946 | [-] | (a) Straatsburg / (a) Frankrijk | (a) 1951 / [-] | [-] / [-] |
Biografie

Münster. April 1989
NIOD
Inleiding
Münster, Duitsland April 1989.
Aan een groot raam, waarvoor een haast beeldvullende boom staat, zit naast een lage verwarmingsradiator een oude man in een stoel. Hij heeft een grijs baardje, een buikje en draagt een bril. Op de ronde tafel voor hem, maar te ver om er gemakkelijk bij de kunnen, staan onder andere een fles water en een fles frisdrank. Alledaagse details in een verder modern interieur.
Het zijn de elementen achter hem die de aandacht trekken. Op een strak vormgegeven dressoir pronkt, naast een stapel met boeken een houten Afrikaans beeld en aan de muur hangen acht zorgvuldig ingelijste foto’s van Afrikaanse mensen.
Een combinatie van werelden, een verhaal dat zich stilletjes ontvouwt over het feit dat hij ooit in Afrika gewoond en gewerkt heeft en daar geen geheim van maakte.
Hij noemde zich in die tijd Bernhard Berger, maar dat was niet zijn echte naam en zelfs niet het enige alias in zijn leven.
Zijn echte naam was Nicolaas “Nico” de Haan, geboren in Amsterdam, fotograaf, dichter, tekenaar, vormgever en architect. Maar tijdens de Duitse bezetting ook ooit lid en de Nederlandsche Kultuurraad, SS’er en hoofdredacteur van het Nederlandse SS-blad “Storm”.

Biografieën en het Franse Vreemdelingenlegioen
Er is veel over Nicolaas de Haan geschreven, vooral over zijn werkzame leven voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een uitvoerige biografie is bijvoorbeeld te vinden op de website “De Nederlandse Poëzie Encyclopedie” [1][8] en in het boek “Schrijvers, uitgevers en hun collaboratie” van Adriaan Venema.
Het is vrijwel zeker dat Nicolaas de Haan na het einde van de Tweede Wereldoorlog dienst nam in het Franse Vreemdelingenlegioen. Informatie hierover is echter summier en een bronverwijzing ontbreekt daarbij ook.
“De Nederlandse Poëzie Encyclopedie” schrijft over deze periode:
“Na de bevrijding van Nederland vestigde De Haas zich in Duitsland. Daarvandaan meldde hij zich aan bij het Franse Vreemdelingenlegioen, waar hij werk vond bij een foto‑ en filmeenheid. Hij bracht enige jaren als zodanig door in Vietnam en later in Algerije, destijds Franse koloniën .
[…] In 1958 keerde De Haas terug naar Europa. Hij vestigde zich onder de naam Bernhard Berger in de Bondsrepubliek Duitsland, waar hij werkzaam was als architect.
Volgens M. Spahr [4] zou hij in het Vreemdelingenlegioen gediend hebben onder de naam B. Andrix en zou hij daarna in Marokko gewoond hebben en niet in Algerije.
Ik focus mij op deze webpage over Nicolaas de Haas vooral op zijn periode in het Vreemdelingenlegioen.
Jeugd
Nicolaas “Nico” de Haas werd geboren op 23 juni 1907 als zoon van Petrus Jacobus Henricus de Haas en Johanna Maria Levina Miner. Hij groeide op in dit Amsterdams arbeidersgezin en werd op jonge leeftijd actief in communistische en socialistische bewegingen.
Zijn vader die zelf geen vreemde talen sprak vond het absoluut nodig, dat zijn zoon deze zou leren. Nicolaas de Haas bezocht daarom de Rozenschool, een van de lagere scholen waar in het Frans onderwezen werd. Hierover zei Nicolaas de Haas later: “dit werd van beslissende betekenis voor heel mijn verdere leven” [5][6].
In de jaren dertig maakte hij naam als arbeidersfotograaf en werkte voor onder meer De Tribune en Afweerfront. Later werd hij vormgever bij De Arbeiderspers en een prominente vertegenwoordiger van de Nieuwe Fotografie.
1932 Huwelijk
Op 19 oktober 1932 trouwde Nicolaas de Haas in Haarlem met Tine Woudt.
1936
In 1936 sloot hij zich aan bij de NSB en werd hoofdredacteur van Het Nationale Dagblad.
1940 – 1945 Tweede Wereldoorlog
Tijdens de Tweede Wereldoorlog vervulde hij verschillende functies binnen de nationaalsocialistische beweging, waaronder de vormgeving van genazificeerd munt- en papiergeld en de redactie van SS-publicaties.

1942 Kultuurraad
In 1942 werd Nicolaas de Haas lid van de Nederlandsche Kultuurraad.
NEDERLAND. — Nederlandsche Kultuurraad – Samenstelling. — ‘s-Gravenhage, 11 Febr. .— Op grond van de verordening van den Rijkscommissaris No. 210 art. 4, heeft de president van den Nederlandschen Kultuurraad tot leden van den Nederlandschen Kultuurraad benoemd de heeren: […] Nico de Haas, sierkunstenaar en volkskundige, hoofdredacteur van „Storm”, het weekblad der Nederlandsche S.S.
[…]
[ Keesings historisch archief 09-02-1942 ]
1944 Groningen
Na Dolle Dinsdag [ 5 september 1944 ]trok Nicolaas de Haas met de Storm redactie naar Groningen.
Op 18 oktober 1944 berichte de Vrije Pers hierover.

18-10-1944
1945 Arrestatie en vlucht
Een paar maanden later, in april 1945 ging tijdens de hevige strijd in de binnenstad van Groningen het redactiekantoor van de Storm in vlammen op. Nicolaas de Haas was, nadat hij het laatste nummer van Storm, te verschijnen op 4 mei 1945, persklaar had gemaakt, reeds vertrokken.
Bij de bevrijding van Groningen zou hij met Het Volk-hoofdredacteur Hendrik Lindt door het verzet gearresteerd zijn.
Er circuleerde het gerucht dat Nicolaas de Haas gesneuveld zou zijn, maar Hendrik Lindt scheen dit gerucht en dat van zijn eigen dood te hebben verspreid, zoals te lezen was in het Parool van 25 april 1945.

Het Parool
Twee weken later berichtte ook de Trouw hierover:
Trouw, 9 mei 1945: “In Groningen moesten zij in de stelling toen de vijand naderde. SS-Unterscharführer Hendrik Lindt viel echter dien morgen van de trap. Zijn gezworen kameraad SS-Scharführer De Haas raapte hem met een ‘hersenschudding’ op, droeg hem naar bed, en verpleegde hem met zulk een toewijding dat hij vergat naar het front te ‘stormen’.
Nadat de Martinistad voor de Europeesche orde verloren was gegaan, heeft de vindingrijke Hendrik Lindt hun beider doodsbericht verspreid, maar de Nederlandsche vrijheidsstrijders hebben de heeren wel gevonden.”
Na zijn arrestatie door het verzet wist Nicolaas de Haas toch te ontkomen. Naar eigen zeggen zou hij na de bevrijding van Groningen op een herenfiets zonder luchtbanden naar het zuiden zijn gefietst, en via Drenthe naar de Duitse deelstaat Nordrhein-Westfalen zijn gevlucht [ Nicolaas de Haas vertelde dit aan Frank van den Bogaard, die hem midden jaren ’80 thuis in Duitsland had opgezocht ].
Uiteindelijk zou hij per fiets de plaats Jena hebben bereikt waar zijn vrouw woonde.
Als landarbeider vond hij werk in Drackendorf een plaatsje dicht bij Jena.
Op 15 april 1945 had het Amerikaanse leger Drackendorf bezet maar werd op 1 juli afgelost door het Sovjet leger.
Nico de Haas werd als “Displaced person” eerst naar een Sovjet kamp in Oschatz afgevoerd, mogelijk betrof het hier het oude krijgsgevangenkamp Stalag IV G. Na veel omwegen kwam hij uiteindelijk in Strassbourg terecht.
1947 V.O.W.
Op 27 september 1947 werd Nicolaas de Haas uitgeschreven als inwoner van Amsterdam, met de aantekening V.O.W. Vertrokken Onbekend Waarheen. Laatste adres was Sarphatistraat 133 hs.
Al eerder op 17 oktober 1945 was zijn vrouw Tine Woudt al uitgeschreven op dit adres, vertrokken naar Haarlem.
1949-1952 Scheiding

Door het vonnis van de Arrondissementsrechtbank te Haarlem van 27 september 1949 en de inschrijving van 22 januari 1952 te Haarlem werd het huwelijk van Nicolaas de Haas en Tine Woudt ontbonden.
Deze lange periode van meer dan twee jaar tussen het vonnis en de inschrijving hadden mogelijk te maken met het feit dat men niet wist waar Nicolaas de Haas zich op dat moment bevond en of hij nog in leven was.
Vreemdelingenlegioen en het maandblad “Képi Blanc”
1947 – 1951
Dat Nicolaas de Haas naar Duitsland vluchtte en daarna dienst nam in het Vreemdelingenlegioen wordt in diverse biografieën genoemd. Aanvullend daarop is deze informatie van Barbara Henkes in haar boek ” Uit liefde voor het volk”:
In een Frans interneringskamp in Straatsburg bereikt Nico de Haas het bericht van de executie van journalist Max Blokzijl. [ Den Haag, 16 maart 1946, hij was op 25 september 1945 ter dood veroordeeld].
Nederland is voor hem niet veilig en hij besluit zich aan te melden bij het Vreemdenlegioen en via Marseille vertrekt hij naar Algerije. Hij wordt dan Berger genoemd en wordt uitgezonden naar als filmer/fotograaf naar Indo-China.
In 1949 is hij weer terug in Algerije, waar hij een eigen fotozaak begint.
Hij blijft daar tot 1958 om vervolgens naar Duitsland te vertrekken […]
De informatie uit het boek van Barbara Henkes voegt relatief “veel” informatie toe.
Hier een voorlopige reconstructie van hoe de diensttijd in het Franse Vreemdelingenlegioen van Nicolaas de Haas er uit gezien zou kunnen hebben.
Dat mannen gedwongen werden dienst te nemen in Vreemdelingenlegioen is een oude hardnekkige mythe. Maar de meeste mythes hebben vaak ook een kern van waarheid.
Diverse historici [ Porch en Michels ] schrijven dat de condities in de Franse Interneringskampen net na de Tweede Wereldoorlog, mogelijk bewust, zo slecht waren dat veel mannen het in dienst treden van het Vreemdelingenlegioen als het mindere euvel zagen. Daarbij komt dat de Fransen actief rekruteerde o.a. voor het Vreemdelingenlegioen in deze kampen, zodat de geïnterneerden wisten dat dit een optie was. Zie hiervoor ook de geschiedenis van Jan Montyn, die in Mei 1945 in Straatsburg dienst nam.
De executie van Max Blokzijl was 16 maart 1946, daarna zou Nicolaas de Haas dus dienst genomen hebben.
De standaard contractduur in het legioen was 5 jaar. Een uitzending naar Indo-China was meestal voor de duur van 2 jaar. Na een basis opleiding zou hij dus mogelijk in 1947 naar Indo-China uitgezonden kunnen zijn.
Dat komt overeen met terugkomst in 1949 in Algerije.
Het maandblad van het vreemdelingenlegioen “Kepi Blanc” werd 30 april 1947 opgericht, dus al zodanig kon Nicolaas de Haas als filmer/fotograaf naar Indo-China zijn gestuurd. Voor een frontsoldaat was hij met 40 jaar eigenlijk ook al een beetje te oud.

Als hij niet gewond is geraakt of anderszins ongeschikt is geraakt voor de dienst, liep zijn diensttijd in 1951 af.
De zin “In 1949 is hij weer terug in Algerije, waar hij een eigen fotozaak begint” wekt een beetje de indruk dat hij al in 1949 de fotozaak begon. Henkes [7] geeft als alias in die periode BERGER aan, terwijl Spahr [4], schreef dat hij diende onder de naam “B. Andrix”.
Volgens Van den Bogaard [9]: “vrijwel onmiddellijk na de capitulatie dook De Haas onder in het vreemdelingenlegioen. Daar was hij bekend als korporaalchef B.Andrix van de foto-en filmeenheid van de tweede compagnie van de dertiende halfbrigade”
Fotozaak in Marokko of Algerije
1951 – 1958
Na het einde van zijn dienstverband bij het Vreemdelingenlegioen zou Nicolaas de Haan zich mogelijk onder de naam Berger of Andrix als fotograaf gevestigd hebben in Marokko of Algerije.
Volgens van den Bogaard [9] richtte hij in Sidi-Bel-Abbes met een legioen kameraad, mogelijk Jean Daiser, een foto-en filmonderneming op [ Photo DAC ] en in 1957 vestigde hij zijn ‘Studio 57″ in Oujda in Marokko [9].
1956 Photographe BERGER

Op de website ImagesDefense zijn photo’s te vinden gemaakt voor en door het Franse Ministerie van Defensie. Daarop komt een serie uit 1956 voor gemaakt in Algerije door een fotograaf slechts aangeduid met de naam BERGER. Het kan toeval zijn.
Duitsland, uit handen van Justitie
1958
In 1958 keerde hij terug naar Europa en vestigde zich in Duitsland onder de naam Bernhard Berger.
Hij had een aanbod gekregen van de staalbouw firma Robert Brand, om daar als reclame chef te komen werken.
Adriaan Vennema schreef:
“Wie zoveel jaar na dato geconfronteerd wordt met dit heftige antisemitisme en zich realiseert hoeveel invloed dit geschrijf moet hebben gehad op jonge ss’ers die in Storm SS het gif ingedruppeld kregen waardoor ze in het Oosten met des te grotere wreedheid konden optreden tegen de joden, kan zich er alleen maar over verbazen dat het nimmer is gelukt om De Haas, van wie de verblijfplaats al jaren bekend is, in justitiële handen te krijgen.
Vanaf 1958 woonde hij permanent in Duitsland, in Nordwalde, onder de naam Bernhard Berger.
In 1967 heeft de Nederlandse justitie een poging gewaagd, maar de Duitsers waren onwillig hem over te dragen. Ze waren er eigenlijk alleen in geïnteresseerd hoe De Haas aan valse papieren was gekomen.
In 1970 was zijn zaak verjaard en kon hij van tijd tot tijd weer naar Nederland komen. Waar plegers van misdaden tegen de mensheid tot op de dag van vandaag voor hun daden ter verantwoording kunnen worden geroepen, kon een man als De Haas, die met zijn geschrijf zo onmeetbaar veel schade en leed heeft aangerjcht, ontsnappen door de mazen van het net”.
1978 Een oud gerucht nog een keer
Na de tijd van wederopbouw, nam de belangstelling voor wat er in de Tweede Wereldoorlog in Nederland gebeurt was toe. De naam van Nicolaas de Haas kwam dan ook weer vaker in verschillende kranten voor.
Opvallend in deze context is dit artikel uit het NRC Handelsblad van 5 augustus 1978:
Nog honderden oorlogsdelinquenten op vrije voeten
OPSPORING VER GEZOCHT
Nico de Haas, destijds hoofdredacteur van het Nederlandse SS-blad, die mogelijk als lid van het Franse Vreemdelingenlegioen in Vietnam is omgekomen.
1987
Op 20 januari 1987 werd er in Nordwalde, Duitsland een interview afgenomen met Nicolaas de Haas die daar leefde onder de naam Bernhard Berger.
Over zijn tijd in het Franse Vreemdelingenlegioen verteld hij daar het volgende.
Het begint bij zijn aankomst in Strassbourg.
[…] in Strassbourg zou dan de definitieve verdeling plaats vinden van alle west-displaced persons. En daar werd dan ook de Nederlandse groep samengesteld. En juist op dat moment kwamen lui van het Legioen, die specialisten zochten, onder andere voor foto en film . Een toeval natuurlijk .
Want ik heb nooit in de verste verte gedacht dat ik naar het Legioen zou gaan.
Omdat ik voor militaire artsen altijd totaal onbruikbaar was door mijn zwakke longen .
Ik ben dan toch gegaan. Eerst naar Marseille, toen naar Afrika, dan naar Tunesië en naar Saigon.
En daar heb ik toen voor het eerst van m’n leven iets van de oorlog gezien. En daar kom je dan direct in contact met de gewone soldaat. Voor zeventig tot tachtig procent Duitsers, die vooral uit Franse kampen kwamen en te eten kregen. Het was een kwestie van overleven eigenlijk , wat natuurlijk maar heel relatief is. Want er zijn [er] ongelooflijk veel gevallen daar.
Ik heb daar de maximale tijd doorgebracht . Anderhalf jaar is plicht en dan kun je drie maal een half jaar verlengen . En dat heb ik ook gedaan .
Wat was uw voornaamste taak daar? Foto en film ?
Ja , voor zover dat er was. Het was archiefwerk . Niet voor publicatie . Wat wel heel jammer is eigenlijk . Ik heb daar een paar goeie films gemaakt, maar die komen nooit tot het publiek, die worden alleen in interne kring gedraaid. Ik heb daar ook honderden foto’s voor mezelf gemaakt, maar die zijn verloren gegaan op
het laatste moment. Dat is jammer, niets aan te doen.
Het Legioen betekent natuurlijk een totaal nieuwe fase in het leven . Ik kan wel zeggen een totale afkeer van het militaris e . Als je ooit tegen de oorlog wil zijn , dan moet je eerst maar dat meemaken.
Wat was uiteindelijk uw motivatie om naar het Legioen te gaan, toen dit zich Strassbourg aandiende?
Zij zochten mensen op het gebied voor foto en film , maar laten we aannemen dat u niet stond te trappelen om naar Nederland terug te gaan
Wat een belangrijke rol speelde natuurlijk is, de berichten die ik kreeg hoe de vooraanstaande Nazi’s behandeld werden. Ik dacht, laat ik eerst maar vijf jaar wegblijven. Want het is totaal waanzinnig om Blokzijl dood te schieten. Dat kan ik me helemaal niet voorstellen. Maar goed, dat hebben ze gedaan. Hoe Rost van Tonningen behandeld is, dat is meer dan bestiaal .
Hij heeft toch zelfmoord gepleegd?
Ja, vielleicht . Daar zijn rapporten over. ‘T is zo erg geweest dat de Canadezen eenvoudigweg de Nederlanders het beleid van de kampen hebben ontnomen.
Die zijn toen onder Canadezen gekomen en toen was het veel beter.
Heeft u in het Legioen vrij kunnen werken?
Ja ja, het eerste anderhalf jaar weet je natuurlijk nog niet precies waar je je het beste op kunt houden.
En de ideale plaats in iedere legereenheid is de chifreu . Want daar kan geen mens iets zeggen. Zelfs de hoogste officier mag daar niet in de kamer komen. Ik kon daar kiezen tussen twee man die ieder
twaalf uur dienst doen of ik alleen vierentwintig uur dienst. Ik heb voor het laatste gekozen. M’n eigen kamer, geen mens kan me wat zeggen.
Dat is volledige vrijheid in een leger.
[ Interview B . Berger, d . d . 20-1-1987, Nordwalde, B.R.D. ]
1988
Dat hij nog in leven was werd wel duidelijk toen er in 1988 een interview over hem verscheen in de Haagse Post.
De Waarheid schreef er op 5 februari 1988 over:
Onder het hoofd „De Cultuur” een interview met de oud hoofdredacteur van het SS weekblad „Storm”, de nu in West- Duitsland levende in Nederland geboren oud-fotograaf Nico de Haas. De dans ontsprongen zegt HP. Deze volgeling van Rost van Tonningen mag vrij naar ons land komen, omdat het ministerie van justitie hem heeft laten weten dat zijn zaak in 1970 al verjaard is verklaard.
Legioen eenheden: 1946 - 1951
| Van | Tot | Regiment | Bataljon | Compagnie | Plaats | Land |
|---|---|---|---|---|---|---|
| (a) 13 DBLE | (a) 2 Bat | (a) 5 Cie |
Legioen onderscheidingen
| Onderscheidingen | Datum Uitreiking |
|---|
Info
Verder onderzoek gaande, heeft U meer informatie laat het mij weten via: info@nllegioen.eu
Bronnen
| [1] | Boogaard van den, Frank, Een stoottroep in de letteren: 'Groot-Nederland', de SS en de Nederlandse literatuur (1942-1944). ('s-Gravenhage 1987) |
| [2] | Nederlandsepoezie.org |
| [3] | Noord-Hollands Archief te Haarlem, BS Huwelijk burgerlijke stand van de gemeente Haarlem, Archiefdeel van (dubbele) registers van de, Haarlem, archief 358.46, inventarisnummer 21932, 19-10-1932, Huwelijksakten van de gemeente Haarlem, 1932, aktenummer 785 |
| [4] | Spahr, Michael P. - Vrijheidsbezinning in tijden van dictatuur. Nederlandse anarchisten en de Tweede Wereldoorlog Vrije Universiteit Amsterdam 30 juni 1998 Doctoraalscriptie Nieuwste Geschiedenis |
| [5] | Schrijvers, uitgevers en hun collaboratie. Adriaan Vennema |
| [6] | Claire Peijster-Roëll en Mienke Schaberg, Nico de Haas, Kunst en ideologie, Amsterdam, 1987, doctoraalscriptie (niet gepubliceerd). |
| [7] | Uit liefde voor het volk. Barbara Henkes |
| [8] | Gerard Groeneveld, Zwaard van de geest: het bruine boek in Nederland 1921-1945. Nijmegen 2001. |
| [9] | Frank van den Bogaard. Artikel in Jong Holland 1988 nummer 6 |