Personalia
| Achternaam | Voornamen | Geboorte datum | Naam vader | Naam moeder |
|---|---|---|---|---|
| Bousch | Lambert | 29-04-1920, Düsseldorf-Elle | Bousch, Johann Lambert | Ziegler, Karoline |
Legioen periode: 1938 - 1943
| No Matricule | Engage | Libere | Libere Plaats | ||
|---|---|---|---|---|---|
| 77078 | 21-06-1938 | [-] | [-] / Frankrijk | 13-08-1943 / Liberable | [-] / [-] |
Biografie
1943, Algiers, BOUSCH de flinkste
Op 7 september 1943 schreef Kapitein van der Steeg, belast met de rekrutering in Noord Afrika, een verslag naar zijn superieuren in Engeland over de vorderingen van deze missie.
Hij was duidelijk verguld met de komst van Lambert Bousch die hij “de flinkste noemt” en van wij hij twee mutaties van tijdens de veldtocht in Tunesië verkregen dapperheidsonderscheidingen toevoegde.
De volgende Nederlanders bevinden zich thans in het kamp alhier :
BOUSCH, Lambert, HEESAKKERS, Jean Louis, OPDORP, Frans van, CENSE, Willy Gerrit, RUSKUS, Franciscus, BOHMER, Hendrikus ten, PISTORIUS, Wilhelm, COSMAN, Aäron.
( De tijdelijk sergeant LAGAS bewoont, met het oog op zijn werkzaamheden op het Consulaat, een kamer in het Afric Hotel te Algiers).
Hiervan is BOUSCH de flinkste, hij heeft gezag over de anderen, wat niet te verwonderen is, daar hij in het legioen onderofficier geweest is. Voor zijn dapper gedrag tijdens verschillende veldtochten, in het bijzonder tijdens den veldtocht in TUNESIË, heeft hij verscheidene decoraties ontvangen, waaronder het “Croix de Guerre avec étoile en argent”. Bijgaand moge ik U enkele afschriften van zijn mutaties doen toekomen.Daar ik in het kamp waar het aantal oud-legionnaires zich langzaam, maar zeker, uitbreidt, iemand met het gezag moet belasten, heb ik besloten om, gebruik makend van de door Uwe Excellentie verleende bevoegdheid, BOUSCH met ingang van 1 September 1943 tijdelijk te bevorderen tot den rang van sergeant, met de aanbeveling hem bij aankomst in Engeland bij een O.O.-opleiding te willen doen plaatsen.
Ik ben er n.l, van overtuigd dat BOUSCH in het Nederlandsche Leger een uitstekend Onder-Officier zal zijn.
Mogelijk zijn er bij de transcriptie van de mutaties enkele vergissingen gemaakt. Zo gaat het bij de genoemde Lieutenant zeer waarschijnlijk om MOUILLAUD die commandant was van Compagnie de Commandement et de Bataillon (C.C.B.).
Ordre General No 48 en date du 1e Fevrier 1943 du General de Division BARRE , Cdt, Superieur des T.T.
Le General de Division BARRE, C.S.T.T., cite a l’ordre du REGIMENT
Bousch Lambert Caporal Chef 77078 de la C.C.E. du 1/3 R.E.I.
Chef de Groupe Mitrailleuses.
Le 22 janvier 1943, dans la Region de SERDOUK, attaque par des chars et deborde, a reussi a ramener son G.M. malgre le feu de l’ennemi
Copies certifiees conformes :
S.P. 40856 , le 19 mars 1943
Le Lieutenant MOOILLAUD, Cdt. La C.C.E. du 1/3 R.E.I.
MOOILLAUD
In de genoemde periode en omgeving “Region de Serdouk” is in het oorlogsdagboek van het 3 R.E.I. het volgende te vinden:
Op de 21e januari ging de verplaatsing van het I/3e R.E.I. door. In de vlakte van Ousseltia stopt de actie van C.C. Robinett de Duitse pantseropmars, maar versoepelt niet de greep die zich om de detachement van de Legioen sluit. Klemgezet tussen de eenheden van de 10e Panzer in het westen en de 334e bergdivisie die vanuit de vlakte van Kairouan tot de aanval overgaat, verliest het I/3e R.E.I. die de djebel Serdouk heeft bereikt, om 16.00 uur het contact met kolonel Lagarde die is teruggetrokken naar Bit el Arbi.

Copie
3e Regiment Etranger d’Infanterie
ORDER GENERAL No 97
LE General de Division MATHENET Commandant la Division de Marche Marocaine cite a l’ordre de la Brigade.
Bousch Lambert 77078 Caporal Chef de la C.C.E. du 1/3 R.E.I.
Chef de piece de 37 m/m, conducteur de voiture , a fait preuve tant dans la mise en batterie de sa pièce, que dans l’exécution des missions de liaison en Jeep, de qualités primordiales de combattant, en opérant sous les bombardement ennemis du 29 avril au 11 Mai 1943, avec calme et savois faire, toutes les missions que lui ont ete confiees. A donne un example a tous et cree autour de lui une atmosphère de sécurité et de bonne volonté durant tout la durée de l’action dans le secteur du ZAGHOUAN.”
Jeugd
Lambert Bousch werd geboren op 29 april 1920 in Düsseldorf-Elle als zoon Johann Lambert Bousch en Karoline Ziegler.
Lambert Bousch was van beroep elektrotechnisch monteur. Hij doorliep in Düsseldorf en Odenkirchen de lagere school. Op zijn veertiende jaar kwam hij bij zijn vader in de zaak, die een reparatiewerkplaats had en bleef daar werkzaam tot oktober 1937.
Vervolgens werd zijn werkvergunning door de Duitsers ingetrokken als een represaillemaatregel inzake intrekking werkvergunning voor Duitsers in de Limburgse mijnen. Lambert Bousch vertrok toen naar Roermond waar hij een baantje kreeg bij een kennis van zijn vader. Helaas was er na drie maanden geen werk meer voor hem en ging hij weer terug naar Duitsland.
Franse Vreemdelingenlegioen
1938
Op 10 juni 1938 vertrok Lambert Bousch naar Frankrijk om daar werk te zoeken, maar tekende op 21 juni 1938 voor bij het Vreemdelingenlegioen. Hij kreeg het Mle 77078.
Hij kreeg zijn infanterieopleiding in Saida tot 4 december 1938 en werd op 21 december 1938 in Meknes gestationeerd bij het 2e Regt.
1940
Op 1 februari 1940 werd hij korporaal en werd op 16 november 1940 overgeplaatst naar het 3e Regiment te Khenifra. Op 1 december 1941 werd hij bevorderd tot korporal-chef.
1942
Op 26 december 1942 vertrok hij naar het front in Tunis.
1943
Hier werd hij op 1 mei 1943 bevorderd tot sergeant.
Na afloop van de campagne ging hij terug naar het Depot in Sidi Bel Abbes.
Op 13 augustus 1943 was zijn contract bij het Legioen afgelopen.
Nederlandse leger
Lambert Bousch begaf zich naar het Nederlands Consulaat in Algiers, waar hij op 4 september 1943 tekende voor de Koninklijke Landmacht. Hij werd tijdelijk ondergebracht in Camp Hippodrome en kreeg als rang tijdelijk sergeant en bleef tot 2 oktober 1943 daar ‘om te werken’.
Hij was toen ‘al goed gezien’ bij de Engelse officieren.
Op 26 oktober 1943 vertrok Lambert naar Engeland waar hij op 6 november 1943 arrriveerde. Hij werd hier ingedeeld bij het Depot Nederlandsche Troepen.
Op 15 november 1943 moest hij nog de gebruikelijke veiligheidscheck in Londen ondergaan.
Onderzoek naar de betrouwbaarheid van Bousch
In Februari 1944 werd een onderzoek naar de betrouwbaarheid van Bousch ingesteld, omdat hij in een brief had aangegeven spijt te hebben het Vreemdelingenlegioen te hebben verlaten en vond verder dat het Nederlandse Leger in Engeland niets voorstelde.
Tussen 27 april en 10 mei 1944 volgde Lambert een cursus Carrier Maintenance.
Op 29 juni 1944 kreeg hij zijn Nederlanderschap weer terug.
Lambert vertrok op 24 augustus 1944 met de Brigade naar Normandië.
Hij kreeg op 2 september 1944 uit handen van de Brigade Commandant een tevredenheidsbetuiging
“voor de vaardige wijze waarop hij een patrouille heeft geleid op 15 augustus 1944”.
Militaire Persoonskaart
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd er in Engeland een Militaire Persoonskaart van Lambert Bousch aangemaakt.
Daarop werden geregistreerd, zijn naam, voornamen, geboortedatum en plaats
Als zijn beroep werd “Electro-Monteur” genoteerd en zijn Godsdienst,
Burgerlijke staat:
Adres Naaste Familiebetrekkingen: Georgette Tavernier, c/o Millard, Quartier Belle Vue, Maison Carree, Algiers
Keuringsklasse A
Rang: Sergeant met potlood.
Dat hij vrijwillige was onder de voet van gewoon dienstplichtige was opgekomen
Tijd. Sergt. 1.9.43
Terug tot Korpl. 7-11-43 (Schr. D.C. 2493/12-11.43)
5.5.44 tijd.sergt. (Mut. G.G.III Mei’44)
1-7-44 Sergt.effectief (Mut. Brigade Juli ’44)
Uit Duitsland 10-6-38 naar Fr. Vreemdel. Legioen. Uit Noord-Afrika (2e Det.) 6-11-43
Bij 15. Tegen. Onderdeel: Overleden
Bij 17. ( Ingel. N. Afrika 16.8.43)
Zijn Army Number was 3743
Op de achterzijde werd zijn staat van dienst als volgt samengevat:
| Toegekend Oorlogs-Herinneringskruis. | |
| In Noord-Afrika aangekomen 26-6-38 | |
| Oorspronkelijk van Ned. nationaliteit en bevindt zich te Sidi-Bel-Abbes, contract bij Legioen loopt af of is afgelopen en kan zich daarom ter beschikking van Ned. autoriteiten stellen om dienst te nemen | (exh. 4-9-43/7) |
| Tijd. Sergt. en blijft voorlopig daar om te werken. is goed gezien bij de Eng. Officieren | (r.a. 2-10-43 /6) |
| In Engeland aangekomen 6-11-43 met 2e Det. en bij Depot | |
| 15-11-43 naar Brigade. Moet op 15-11-43 enige dagen naar Londen komen voor het gebruikelijk onderzoek | (r.a. 15-11-43 /36) |
| Blijft bij Brigade | (r.a. 4-12-43 /8) |
| Bekrachtigde verbandakte | (exh. 27.12.43 -11) |
| Heeft Nederlanderschap herkregen door hernaturalisatie | (r.a. 29-6-44 /5) |
| Vertrokken met de Brigade naar Frankrijk | (exh. 24-8-44 /11) |
| 16-8-45 tengevolge van een noodlottig ongeval aan de bekomen verwondingen overleden. | (exh. 21-8-45/103) |
Overleden tengevolge van een noodlottig ongeval
Na de bevrijding was Lambert Bousch nog in dienst van de Brigade.
Op 16 augustus 1945 om ongeveer 22u00 kreeg de gemeentepolitie van Den Haag een melding:
“dat bij de Javabrug een zwaargewonde militair was aangetroffen. Zijn fiets (of motor) was aan de achterzijde beschadigd. Hij was vermoedelijk aangereden en de betrokkenen zijn doorgereden, zonder zich iets van het slachtoffer aan te trekken.”

De oorspronkelijke Javabrug werd afgebroken omdat deze het in het, door de Duitsers ingestelde, Sperrgebiet lag.
Direct na de oorlog werd een houten noodbrug geslagen,
waar tram lijn 7 heel langzaam overheen moest rijden.
[5] en Foto nr 6.05319 van J.M.G. Schrama,
Beeldbank Haags Gemeentearchief
{ AE&C }
Uit papieren blijkt dat commandant P. van Herpenberg van Gevechtsgroep III de verloofde van Lambert Bousch, Marina Lobbezoo uit de Kanaalstraat 16 te Oost-Souburg bij Vlissingen, heeft laten ophalen.
Volgens de overlijdensakte ( aktenr. 1945/A3889 ) is Lambert Bousch in Den Haag overleden in het Militaire hospitaal aan de Fluwelenburgwal op 16 augustus 1945 (om 22u00) en niet op de 15e, zoals vaak vermeld.
Dit overlijden werd aangegeven op 21 augustus 1945 in Den Haag door Adder Arie Montfoort, 49 jaar, bedienaar.
Lambert Bousch werd begraven op 22 augustus 1945 op grafnummer 138 op Begraafplaats Oud Eik en Duinen in Den Haag. Het graf is helaas geruimd.
Het Algemeen huurgraf was voor een periode van tien jaar gehuurd. Hij was de 2e inliggende.
Er konden in totaal vier personen in begraven worden, die verder geen familie van elkaar waren.

in de administratie van Brigade “Prinses Irene”
op Army Form W. 3011C
1990 Toevoeging gesneuvelden-lijst

6de jaargang nummer
22 december 1990
Legioen eenheden: 1938 - 1943
| Van | Tot | Regiment | Bataljon | Compagnie | Plaats | Land |
|---|
Legioen onderscheidingen
| Onderscheidingen | Datum Uitreiking |
|---|---|
| Croix de Guerre % Regiment | 01-02-1943 |
| Croix de Guerre % Brigade | > 11-05-1943 |
| Oorlogs-Herinneringskruis |
Overige Krijgsdienst
| Overige krijgsdienst |
|---|
| Prinses Irene Brigade |
Info
Verder onderzoek gaande, heeft U meer informatie laat het mij weten via: info@nllegioen.eu
Bronnen
| [1] | 2.09.06 Inventaris van het archief van het Ministerie van Justitie te Londen, (1936) 1940-1945 (1953). 13233 Bousch, L. 1943 |
| [2] | 2.13.71 Inventaris van de archieven van het Ministerie van Defensie te Londen [1940-1941]; Ministerie van Oorlog te Londen [1941-1945]; Departement van Oorlog: Bureau Londen [1945-1947], (1933) 1940-1947 (1974). 1943 sep 27 nr. 7 Rekrutering Algiers; L. Bousch, F. van Opdorp, F. Ruskus, W. Pistorius, J.L. Heesakkers, W.G. Cense, H. ten Böhmer, A. Cosman, J. Staetn en H.C. Broers. |
| [3] | Haags Gemeentearchief te Den Haag, BS Overlijden Ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage, 's-Gravenhage, archief 0335-01, inventarisnummer 1658, 21-08-1945, Overlijdensakten Den Haag, aktenummer A3889 |
| [4] | Knickerbocker weekly. "Free Netherlands". (The Netherlands magazine), jrg 5, 1945, no. 4, 19-03-1945 |
| [5] | Grarueb |