— Uit N. Diep schrijft men ons van den 27 Jan.:
Naar wij vernemen melden zich te Harderwijk(a) voortdurend nog vrijwilligers aan voor onze O. en W. Indische bezittingen, meest allen herkomstig van het ontbonden Krim-Leger, ‘t zijn veelal Zwitsers en Duitschers, die na hunne betrekkingen te hebben bezocht of zich in Hamburg een tijd lang te hebben opgehouden, van het gunstig aanbod om zich voor onze koloniën te engageeren, gebruik maken, of liever moeten maken.
Aan weinig tucht, zoo het schijnt, gewoon, geven zij in Harderwijk handen vol werks; maar zoodra zij een weinig gedisciplineerd zijn, roemt , men deze lieden zeer als uiterst geschikte en handelbare menschen.
Onder het thans hier liggende detachement, sterk 143 man, hetwelk met het schip Walvisch naar O. Indië zal vertrekken , telt men slechts zeven Holl. soldaten; voor de rest behooren allen tot het vreemdenlegioen.
Er moeten op dit oogenblik, naar men verzekert, nog wel omtrent duizend van die vreemdelingen in Harderwijk beschikbaar zijn.
Er bevinden zich onder hen vroegere officieren en zelfs gedekoreerden met verschillende medailles.
Gepubliceerd:
[ Utrechtsch provinciaal en stedelijk dagblad 28-01-1857 ]
(a) Het Koloniaal Werfdepot te Harderwijk was van 1814 tot 1909 het belangrijkste werfdepot voor het Oost-Indisch Leger (later Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger).
Het depot werd in 1909 opgeheven.
