Dat in een krantenartikel uit 1952 melding werd gemaakt dat een parachutisten eenheid van het Franse Vreemdelingenlegioen grotendeels zou hebben bestaan uit soldaten die in Afrika gediend hadden onder de toen inmiddels tot haast mythische proporties uitgegroeide Duitse Veldmaarschalk Erwin Rommel is opmerkelijk en verdiend een analyse.

Opname van 6 juni 1942
“Arthur” der erbeutete britische Löwe, mit seinem Herrn, einem deutschen Flak Offizier”
Bij deze eenheid ging het om het 3e Bataillon Etranger de Parachutistes, 3e BEP. Hoewel voornamelijk opgericht en gecreëerd om legionairs op te leiden, nam het 3e BEP van januari tot juni 1952 deel aan operaties om de orde in Tunesië te handhaven.
Begin 1952 waren activiteiten van opstandelingen waargenomen in Tunesië. Franse troepen gestationeerd in het noord-oosten ven Algerije, waaronder het 3e BEP werden gealarmeerd om Franse troepen in Tunesië te ondersteunen.
Eind januari 1952 werd Operatie Mars gelanceerd. Deze was gericht op Tunesische linkse opstandelingen. Het 3e BEP werd op 24 januari 1952 naar Tunesië gestuurd om deel te nemen aan de operatie. Twee dagen later werd het bataljon gestationeerd in Bou Ficha, een stad die ongeveer 35 mijl (60 km) ten zuiden van Tunis, de hoofdstad, ligt. De legionairs opereerden op het Kaap Bon-schiereiland, in Tazerka of Nabeul. [ De eerste plaats ook genoemd in het artikel ] [ Bron https://foreignlegion.info/units/3rd-foreign-parachute-regiment/ ]
Het artikel uit het dagblad “Ons Noorden” van 2 februari 1952 beschrijft de historische gebeurtenissen, maar bevat ook elementen die mogelijk zijn aangedikt of gekleurd door de politieke context van die tijd. Een analyse.
Historische context: Tunesië in 1952
Tunesië was in 1952 een Frans protectoraat maar de spanningen tussen de Franse koloniale autoriteiten en de Tunesische nationalistische beweging liepen hoog op.
In januari 1952 arriveerde Jean de Hauteclocque als nieuwe Franse resident-generaal.
Kort daarna begon een harde repressie tegen nationalistische activiteiten, vooral in de regio Cap Bon.
De Franse troepen, waaronder het Vreemdelingenlegioen, voerden huiszoekingen uit en er waren meldingen van vernielingen en geweld tegen burgers.
Rommel-veteranen in het Vreemdelingenlegioen?
Het artikel beweert dat het 3e BEP voor 80% uit Duitse veteranen bestond die onder Rommel hadden gevochten in Noord-Afrika.
Dat is slechts ten dele waar. Na de Tweede Wereldoorlog sloten inderdaad voormalige Duitse soldaten zich aan bij het Franse Vreemdelingenlegioen. Maar nog vaker ging het om jonge Duitsers die geen militaire ervaring hadden. In beide gevallen was uitzichtloosheid de drijfveer: velen zagen geen toekomst in het verwoeste naoorlogse Duitsland.
De Afrika-campagne onder Rommel liep van 1941 tot 1943. In 1952 zouden deze veteranen dus tussen de 30 en 40 jaar oud zijn geweest—nog steeds inzetbaar, maar het merendeel van de gevechtstroepen bestond uit jongere rekruten van rond de 20.
Vernielingen en repressie in Cap Bon
De beschrijving van Tazerka als een “ruïne” en de plundering van winkels en huizen komt overeen met andere verslagen uit die periode, waarin Franse troepen hard optraden tegen vermeende nationalistische netwerken.
De melding dat Arabische staten een memorandum stuurden naar de VN over de situatie in Tunesië is ook historisch correct: de Tunesische kwestie werd in die jaren regelmatig besproken in internationale fora.
Conclusie
Het artikel lijkt grotendeels gebaseerd op feitelijke gebeurtenissen, maar de toon is duidelijk emotioneel geladen en nationalistisch. De vermelding van “Rommel-veteranen” diende waarschijnlijk om het beeld van een meedogenloze, goed getrainde bezettingsmacht te versterken. Hoewel die veteranen inderdaad bestonden, is het niet zeker of ze in zulke grote aantallen en met zulke directe betrokkenheid bij repressie acties zijn ingezet.

houdt een groepje parachutisten van het Franse Vreemdelingenlegioen een waakzaam oog op de omgeving. De legionnairs hebben in de afgelopen dagen op het schiereiland Kaap Bon een onderzoek ingesteld naar verborgen wapens en Tunesische sluipschutters. Deze keurtroepen […], zijn door de Franse autoriteiten te hulp geroepen in verband met de onlusten die onlangs 60 doden in Tunis hebben geëist.
[ Bewerkte krantenfoto ]
[ De Volkskrant 02-02-1952 ]
Afrika-veteranen van Rommel straffen Tunis ongenadig af. Bevolking hunkert naar wraak op Vreemdelingen-legionnairs
TUNIS (A.P.) Het kwam gisteren in Tunis en Marokko tot botsingen tussen politie en demonstranten, tijdens een algemene staking die door de nationalisten uitgeroepen was. Het Is voor het eerst in de afgelopen maanden dat melding wordt gemaakt van troebelen in Marokko.
Beide Noord-Afrikaanse landen zijn Franse protectoraten.
Na een tweedaags bezoek van de Parachutisten van het Vreemdelingenlegioen, die een onderzoek instelden naar verborgen wapens en nationalistische sluipschutters, is het Tunesische kust plaatsje Taserka herschapen in een ruïne, waar de vernielde winkeltjes en huizen triest langs de lege straten rijen en in de harten van de inwoners nog slechts plaats is voor een enkele gedachte: wraak.
Het derde bataljon parachutisten doorzocht gisteren Telibia, een ander kustplaatsje op Kaap Bon.
De Franse autoriteiten verklaarden dat het derde bataljon voor tachtig percent uit Duitsers bestaat, die onder Rommel in de Afrikaanse woestijnen gevochten hebben. Het zijn goede soldaten, die met de modernste bewapening zijn uitgerust”.
Verslaggevers, die Tazerka bezochten, konden het resultaat duidelijk zien, de winkels warren leeggeplunderd, de ramen stukgeslagen en in de woonhuizen was bijna geen stoel meer heel. Een groep Arabische staten heeft vandaag naar de voorzitters van de Algemene Vergadering en van de Veiligheidsraad een memorandum gestuurd, waarin uiting gegeven wordt aan „ernstige bezorgdheid” over de toestand in Tunesië.
FRANSE BOODSCHAP VOOR DE BEY VAN TUNESIE
De Franse resident-generaal in Tunis, Graaf Jean de Hauteclocque, is er na enige dagen in geslaagd een onderhoud te hebben met de Bey van Tunis, in diens paleis Hammamlif. Tijdens dit onderhoud heeft de resident-generaal de Bey een boodschap van de Franse regering ter hand gesteld. De Bey zeide, dat de vorige verzoeken tot een onderhoud waren afgewezen in verband met de gezondheidstoestand van zijn zoon.
Ons Noorden 02-02-1952
Stilte voor de storm in Tunesië
Actie vreemdelingenlegioen (met Duitsers) wekt beroering
(Van onze reisrcdacteur) TUNIS. Niets is schijnbaar moeilijker, dan de balans opmaken van een kalme dag. De Franse resident-gcneraal heeft een sport oorlogsoonimuniqué uitgegeven. Ge kunt de troepenverplaatsingen op de voet volgen. Het vermeldt, dat drie huizen met dynamiet zijn vernield om het zoeken naar wapens te vergemakkelijken. Over de gezochte wapens zelf zwijgt het communiqué. Zaterdag bleven alleen nog de Arabische winkels gesloten.
Protest tegen de actie in Cap Bon, zeggen de winkeliers.
Nu de balans van de kant der nationalisten: Wij hadden een gesprek met de leider van de Tunesische vakbeweging, de C.G.T.T. Zij is nationalistisch en heeft de communistische C.G.T. volkomen verdrongen. Een kleine bewegelijke man, competent maar met een ongeduld, dat tyranniek aandoet enfin, dat is een trek, die ik bij meer competente nationalisten ontdekt heb. „Gisteren alleen zijn 200 arrestaties verricht. Wij betreuren langzamerhand 55 doden, 400 gewonden en 5000 arrestaties. De helft daarvan is inmiddels ontslagen”, zegt de man.
Het Parijse departement van Defensie heeft geprotesteerd tegen een telegram van Ass. Press, dat Franse troepen, in Cap Bon opererend, beschuldigde van vernielingen, sommaire executies en plunderingen. Het telegram wekte beroering, niet het minst, omdat bekend is, dat een deel van die troepen bestaat uit soldaten van het vreemdelingenlegioen. En een groot contingent daarvan zijn Duitsers uit Rommels woestijnleger.
Mijn voorlopige indruk: dit volk is in de strijd geworpen en over de vrees voor botsingen heen.
Het geeft alleen voorlopig het woord aan de diplomaten.
Het Rotterdamsch parool 04-02-1952
Alarmtoestand in Noordwest Tunesië
De Franse militaire autoriteiten hebben Vrijdag in Noordwest Tunesië de alarmtoestand afgekondigd, nadat een lid van het vreemdelingenlegioen was doodgeschoten. Men vermoedt, dat Tunesische verzetslieden het speciaal op leden van dit legioen hebben voorzien, omdat zij van mening zijn, dat het vreemdelingenlegioen zich bij de onlangs gehouden operaties in het gebied van Kaap Bon aan gewelddaden heeft schuldig gemaakt.
Verzetslieden wierpen een fles benzine in een hotel in de buitenwijken van Tunis. De politie wist het vuur te blussen.
Te Mednin in Zuid-Tunesië nam de politie vijftienduizend Britse, Italiaanse en Duitse patronen in beslag. Ook werden er geweren en ontplofbare stoffen gevonden.
Een aanzienlijke politiemacht verijdelde in Tunis een demonstratie voor de woning van de Franse residentgeneraal de Hauteclocque.
De Heerenveensche koerier 23-02-1952
Tunesische ministers beschuldigen Franse troepen
Zware misdaden tegen de bevolking
TUNIS, 7 Maart. – De Tunesische minister van staat, dr Meteri, en de minister van gezondheid, dr Bel Salem, hebben in een verklaring voor de pers de Franse koloniale troepen, die de nationale beweging moeten onderdrukken, beschuldigd van zware misdaden.
De twee ministers deelden mede, dat in het gebied van Kaap Bon vier babies door deze troepen zijn vermoord. Zij hebben 15 Tunesiërs zonder vorm van proces doodgeschoten, huizen en moskeeën geplunderd en vrouwen onteerd. Aan drie dorpen waren boetes opgelegd tot 100.000 francs.
Deze misdaden zijn voor een groot deel begaan door een bataljon uit het Vreemdelingenlegioen, waarin vele SS-ers zijn opgenomen.
De koloniale autoriteiten hebben gisteren weer enkele honderden personen gearresteerd. Het blad „De Stem van het Volk” is verboden.
De waarheid 07-03-1952
Het einde van een schat
AJACCIO. — Een teleurstelling wacht de schatzoekers die — zoals wij onlangs meldden — aan boord van de „Zigeunerbruid” naar de monding van de Golo op de Oostkust van Corsica zijn gevaren, in de hoop daar de verdronken millioenen van Rommel op de zeebodem te vinden.
De expeditie handelt naar aanwijzingen van de Duitser Fleig, de enige die levend terugkeerde van het groepje dat op 17 September 1943 de kisten met de roofschatten van het Afrika Korps te water liet.
Nu is er echter ergens in het vreemdelingenlegioen een ex-korporaal, met name Walter Himpe, opgedoken. Die heeft verteld dat Rommel ook bij het verzinken van die „schat” Hitler heeft bedrogen.
De kisten van Fleig bevatten slechts zand en keistenen. Maar de echte liggen in de baai van Bonifado, aan het Zuidelijkste punt van Corsica. Himpe was namelijk, zo zégt hij tenminste, adjudant van een adjudant van Rommel. Kort voor deze Tunis verliet heeft hij zes kisten met de echte schat met een klein vaartuig |van de Kriegsmarine naar Bonifacio gezonden en die zijn daar over boord gezet. Het wachten is nu maar op verdere getuigenissen van Duitsers die bij één van de twee operaties betrokken waren, en die ongetwijfeld nog hier of daar verscholen zitten. Dat er ergens een rijke buit aan uit Tunis geroofde edelstenen en andere kostbaarheden op de bodem der zee voor het grijpen ligt, staat nu wel vast.
Algemeen Dagblad 30-08-1952