1938 J.W.G. “een avontuurlijk heer” als vreemdeling in dienst van het Nederlandsche leger

Toevalstreffer

Op zoek in Delpher, naar een artikel uit een serie van vier over een Limburgsche legionair verschenen in 1938, vond ik het volgende bericht in het Rotterdamsche nieuwsblad.

25-02-1938 Rotterdamsch nieuwsblad

Wie was deze zoon die eerst in het Franse Vreemdelingenlegioen dienst had gedaan en daarna in militaire dienst in Nederland was geweest als “ingezetene in Nederland”.
De eerste naam die bij mij opkwam was die van Johan Verdonk.
Deze was echter al in 1936 in Nederland teruggekomen uit het Franse Vreemdelingenlegioen. De toestemming die hij in 1937 verkregen had zijn Franse onderscheidingen te dragen, wezen er op dat vragen omtrent zijn Nederlanderschap inmiddels wel beantwoord zouden zijn.
Ik besloot met de zoekwoorden “Fransche Vreemdelingenlegioen” en “militairen dienst” verder te zoeken.
Dit leverde het volgende artikel uit “De Telegraaf” van 19 mei 1938 op.

EEN AVONTUURLIJK HEER

(Van onzen correspondent). ROTTERDAM. 18 Mei.

— Van minder belang dan het strafzaakje, dat de 22-jarige J. W. G. met de politierechter had te regelen en dat op een maand gevangenisstraf wegens diefstal door middel van inklimming werd afgemaakt, was de mededeling van de verdachte, dat hij feitelijk als vreemdeling ln het Nederlandsche leger had gediend.
Op 19-jarigen leeftijd is deze avontuurlijke jongeman met een vriend naar Marseille gewandeld, waar hij zich voor het Fransche vreemdelingenlegioen aanmeldde.
Hij diende twee jaar in Marokko en had er toen schoon genoeg van, zodat hij een ontvluchtingspoging deed die niet slaagde en hem in de strafkolonie van de legionnairs bracht.

Compagnie de Discipline, Regiments Etrangers

Doch ten tweeden male deserteerde hij en nu met meer succes. Via Spaansch Marokko en vele avontuurlijke omzwervingen kwam hij weer in zijn moederland terug. Ofschoon hij bij een vreemde mogendheid in dienst was geweest, ondervond hij aan de grens geen last. In Nederland werd zijn avontuurlijke aanleg hem echter ook weer noodlottig.
Als infanterie-milicien bij het garnizoen te Leiden ingedeeld vergreep hij zich aan een dienstrevolver.
De krijgsraad vonniste hem met 27 dagen vestingstraf en ontslag uit den militairen dienst.
Zonder middelen van bestaan wendde hij zich tot Maatschappelijk Hulpbetoon te Rotterdam(a), waar men hem op grond van het feit, dat hij door dienstneming bij een vreemde mogendheid zijn Nederlanderschap had verloren, steun weigerde en nu maakte hij kennis met de bezwaren van het gemis ener nationaliteit.
Hij zag geen anderen uitweg meer om zich uit deze nood te helpen dan een kelderraampje van het gebouw der Handelskamer aan den Westzeedijk te forceren, naar binnen te klimmen en daar een rijwiel en enige sigaren te stelen.
Hoewel de jongeman naar uiterlijk en optreden een gunstige Indruk maakt, aarzelt mr. J. F. Hoeffelman toch om overeenkomstig het rapport van het Leger des Heils een voorwaardelijke straf op te leggen, omdat op een zo avontuurlijk heer moeilijk toezicht zal zijn te houden.
Daarom eist de officier vijf maanden met aftrek.
Ook de politierechter kan niet tot een voorwaardelijke veroordeling komen en vonnist met drie maanden met aftrek, zodat de jongeman over een maand vrij komt.

[ De Telegraaf 19-05-1938 ]

G., J. W.

Het bericht en het artikel hadden mogelijk met elkaar te maken.
Ik zocht dus in mijn bestanden naar een voormalige legionair met als initiaal van zijn achternaam “G.” en als initialen van de voornamen “J.W.”.
Zijn geboortejaar moest 1916 zijn of 1915 indien zijn geboortedatum na 18 mei was.
De betreffende persoon was snel gevonden.
Vrijwel zeker betrof het hier Johannes Willem Garnier geboren op 14 februari 1916 te Rotterdam, als zoon van Hendrik Marinus Garnier.
De connectie tussen het bericht en het artikel kon ook bevestigd worden, omdat de initialen van de vader overeenkomen met die genoemd in het begin van het bericht genoemde “H.M.G., alhier”. Het was dus een aanhef voor betreffende vraagsteller, iets wat mij nog niet direct duidelijk was.

Voor de biografie van Johannes Garnier zie zijn webpage op deze website.

De kop boven het artikel “Een avontuurlijk heer” is zeker geen understatement, indien men de vaak toch wel zware gevolgen van zijn schijnbaar niet altijd goed doordachte, en vaak onwetmatige, handelen als avontuur wil kwalificeren.
Anderzijds zou ik ook haast durven stellen dat deze “impulsieve” karaktereigenschap ook aan de basis lagen van zijn heldhaftige optreden in 1944 waarvoor hij onderscheiden werd met de Britse dapperheidsonderscheiding de Military Medal.
Het mooie is dat de informatie in het artikel het mogelijk maakt een aantal hiaten in de biografie van Johannes Garnier in te vullen.

(a) Gemeentelijke dienst voor maatschappelijk hulpbetoon te Rotterdam






© Copyright | NLLegioen | All Rights ReservedPowered by Crossing Over