5 november 1928, Voor het hekje bij den Politie-Rechter. Legioenair

Ja, zo kun je Legionair ook schrijven Legioenair.
Maar het leverde in Delpher wel weer een aantal interessante kranten artikelen op zoals deze van 6 november 1928 uit het Dagblad van Noord-Brabant.
Helaas geen enkele verwijzing naar welke Nederlandse Legionair het hier betreft.

VOOR HET HEKJE BIJ DEN POLITIE-RECHTER. Legioenair.
Zitting van 5 November 1928.

Men zou het den jongeman met zijn bleek gedetineerde-gezicht die voor ’t hekje stond, niet hebben aangezien, dat hij in het Vreemdelingenlegioen te Marokko de barre zon en de opstandige kogels had getrotseerd.
En toch, de leegbengelende linkermouw van zijn versleten colbert getuigde van dit ellendige leven.

Na de mobilisatie in ons land was het begonnen : geen werk met al de gevolgen daarvan en tenslotte teekenen bij het Fransche Vreemdelingenlegioen.

Tweemaal trof het vijandelijke lood hem. De eerste maal verwondde het zijn been, de tweede maal werd een gedeelte van zijn linkerarm verbrijzeld.

Met een niet noemenswaardig pensioentje werd de jongeman afgekeurd voor den Franschen dienst en als oorlogsinvalide te werk gesteld ineen weverij in Frankrijk. Ook daar bleef hem hef noodlot achtervolgen. Een algemeen ontslag had in de weverij plaats en de een-armige legioenair, die ondertusschen gehuwd en vader was geworden, kwam terug naar Nederland.
Tenslotte vergreep hij zich daar en stal een rijwiel, hetwelk hij voor f 5 verkocht, zodat hij thans als verdachte terecht stond.
De officier, mr. E. Baron Speyart van Woerden, eischte tegen hem een gevangenisstraf van zes maanden.
Mr. H. Smits uit Bergen op Zoom, die hem als verdediger was toegevoegd, verhaalde het leven van den legioenair en bepleitte clementie.
De politierechter, mr. F. Tilman, veroordeelde verdachte tot 4 maanden gevangenisstraf.


Categorie: Uncategorized

Leave a Reply

Your email address will not be published.

© Copyright | NLLegioen | All Rights ReservedPowered by Crossing Over